Posted by Mark Schoondorp
Fri, 31 Aug 2007 12:54:00 GMT
Deel 1 van deze tweeluik over tagging en trefwoorden beschreef de verborgen kosten van tagging. We signaleerden een spanning tussen het snelle shoot-and-run karakter van tagging enerzijds en de organiserende behoefte van de mens anderzijds. In deel 2 een ontwerpoplossing om de twee tactieken met elkaar te verzoenen. Een oplossing die inmiddels voorzichtig ondersteund wordt op 'Watvindenwijover.nl'.
Er is inmiddels heel veel geschreven over de praktijk van tagging. Een goed overzicht staat in het proefschrift van Moritz Stefaner, "Visual tools for the socio–semantic web" (hoofdstuk 2.5).
Maar als ontwerper wil ik meer dan de theorie - ik wil de doorleefde emotie. Na anderhalf jaar heb ik die wel. En gelukkig strookt mijn emotie met theoretische inzichten. Dus staat me dan als ontwerper maar een ding te doen: ontwerpen voor de nieuwe inzichten. En nee, daarmee wordt het niet makkelijker, wel krachtiger. Het goede nieuws is: voor wie geen krachtiger mogelijkheden wil, verandert er helemaal niets op 'Watvindenwijover.nl' Nog beter nieuws: wie behoefte heeft aan meer structuur in het gebruik van trefwoorden, bieden we een eerste voorzichtige aanzet, die op basis van de ervaringen verder ontwikkeld zal worden.
Onderwerp, typering en doel
Bij tagging denken de meesten in eerste instantie aan het benoemen van het onderwerp van de website: waar gaat deze pagina over? Het idee is dat hier over de tijd heen een zekere consensus tussen mensen over zal ontstaan. Een pagina over hondentrainingen zal vrij snel een gelijkende set trefwoorden opleveren. En dan is het prettig om op 'hond' door te klikken naar andere pagina's over honden.
Dan heb ik vrijwel altijd ook trefwoorden die iets over mijn oordeel zeggen. 'Leuk' of 'handig' bijvoorbeeld. Deze groep trefwoorden, waartoe ik ook neutralere termen als 'recensie' of 'statistiek' reken, geeft de context weer die de gebruiker aan de pagina meegeeft. En deze context is van een andere orde dan een onderwerp. Ze zijn bedoeld ter typering, niet voor definiëring.
Tot slot voeg ik veel websites toe met een specifiek doel: bijvoorbeeld terwijl ik met mijn vakantieplanning bezig ben, of met informatiegaring voor mijn promotie. Een doel dat je deelt met meerderen, is een reden om een groep te starten, maar als je het vooral voor jezelf doet, kan je ook een trefwoord eraan toewijzen.
Het failliet van de orde die vanzelf komt
Zo vind ik in mijn trefwoorden van alles en nog wat door elkaar heen. Structuur is ver te zoeken, en in deze chaos blijkt er helemaal niets 'vanzelf' te ontstaan (dat zou ook volledig indruisen tegen alle natuurwetten; orde ontstaat nimmer vanzelf.) De praktijk van tagging vereist bepaalde basisregels. Uit de voorafgaande analyse mag duidelijk zijn waaraan ik denk: de mogelijkheid trefwoorden te classificeren en van elkaar te onderscheiden. Tagging wordt complexer, maar om te leren zul je je eerst bewust moeten worden van wat je doet. Iedere leraar kan je dat vertellen. Tagging is niet gratis, maar met een bepaalde set van basisregels kun je wel de brug slaan van shoot-and-run naar leren.
Om te leren moet je onderscheid gaan maken tussen de trefwoorden die je gebruikt: wat is het onderwerp, hoe kan ik de informatie typeren en voor welk doel voeg ik de pagina toe? Op 'Watvindenwijover.nl' hebben we daarom speciale karakters geïntroduceerd.
'=' voor de typering
'@' voor het doel
'*' voor een bedankje, mocht je de tipgever extra aandacht willen geven (heeft inderdaad niets van doen met trefwoorden, maar veel met hoffelijkheid, een behoefte waar we regelmatig last van hadden zonder dat we er op een natuurlijk voelende wijze handen en voeten aan konden geven)
Voor de traditionele trefwoorden voor onderwerpen hebben vanzelfsprekend we geen speciaal teken geïntroduceerd. En niet iedere pagina heeft trefwoorden van elk soort nodig.
Alhoewel we op dit moment op 'Watvindenwijover.nl' nog niets doen met de diverse soorten trefwoorden, moet daarin snel verandering komen. Als mijn theorie klopt, dan wil je straks ook verschillende functionaliteiten koppelen aan de verschillende soorten. Maar graag horen we eerst de ervaringen. En suggesties voor verbeteringen of aanvullingen zijn van harte welkom!
Posted by Rene Jansen
Wed, 15 Aug 2007 11:29:00 GMT
Winkwaves bestaat ondertussen alweer anderhalf jaar. Dat is zo'n beetje het moment dat als je aan mensen vertelt wat je doet, je je opeens realiseert dat je geen echte starter meer bent, maar met vijf man druk aan het werk bent om als bedrijf echt te groeien. Dit voelt echt als een andere fase, met andere problemen en uitdagingen.
We hebben een groeiende set van tevreden klanten, mooie nieuwe projecten waarin we echt bezig kunnen zijn met waar we echt mee bezig willen zijn en kunnen nee zeggen tegen projecten die niet echt zijn wat we willen doen. Kortom, dat voelt allemaal wel goed. En toen kregen we de vraag van Leon van der Sande, onze adviseur bij Syntens, die ons al verschillende malen van dienst is geweest met goede tips en interessante contacten, of we behoefte hadden aan een sparringpartnersessie om eens te praten over de groeifase waar we nu als bedrijf in zaten. Nou moet ik zeggen dat ik voor dat ik met Winkwaves begon niet altijd even enthousiast over Syntens was, had toch beetje bijsmaak van overheidsgeld en niet innovatief. Maar na afloop van deze sessie niets dan lof voor Leon, die ons een zeer waardevolle spiegel voorhield. Bij deze een korte impressie van wat we bespraken.
Leon hield ons een model voor van 4 rollen die je als ondernemer verenigt:
Persoon
Dit is de rol waar het meestal uit begint: je eigen passie, visie en vakmanschap als startende ondernemer
Bedrijf
Dit is de rol waar je bezig bent met commercie, continuiteit en de cultuur van je bedrijf opbouwen en bewaken
Manager
Dit is de rol waarin je de medewerkers motiveert, coached en aanstuurt, maar ook bezig bent met arbeidscontracten en andere contractvormen
Eigenaar en aandeelhouder
Dit is de rol waarin je rationeel kijkt naar het rendement dat je haalt uit je investeringen in het bedrijf
De manier waarop deze rollen in een bedrijf spelen, variëren gedurende de groei van het bedrijf. In de zogeheten "embryo-fase" van het bedrijf draait alles om de ondernemer zelf, zijn eigen vakmanschap en enthousiasme. De rol van aandeelhouder speelt dan zelden actief een rol, want je weet dat je als starter nog geen grote rendementen zult maken.
In de "groeifase" wordt de bedrijfsrol belangrijker, het wordt duidelijk waar je als bedrijf voor staat, wie je wilt zijn, en de cultuur van het bedrijf wordt gevormd. Dit is een beetje de fase waarin Winkwaves zich nu bevint: ons DNA begint steeds helderder zichtbaar te worden, in elk geval voor onszelf, en daardoor ook in hoe we ons presenteren. Dat merk je op onze site: Winkwaves.com van nu legt al veel beter uit wie we zijn en wat we doen dan winkwaves.com van een half jaar geleden.
Dan volgt de "volwassenheidsfase", waarin het bedrijf volwassen is geworden. Dat is het moment dat de managersrol steeds belangrijker wordt. Hier past dan de freselijke (met een 'f', dan is het nog erger, zo zei mijn wiskundeleraar vroeger altijd...) uitspraak bij "op de winkel passen". Het moment waarop de oorspronkelijke ondernemer zich in vertwijfeling afvraagt wat er toch mijn zijn bedrijf gebeurt, de passie die wegebt. Een goede ondernemer weet op dat moment, net voor de volgende fase (de "vervalfase") ingaat een nieuwe impuls te geven, het bedrijf opnieuw uit te vinden, waarmee de cyclus weer van voor af aan begint. Dit is vergelijkbaar met Steve Jobs op het moment dat hij weer terugkwam bij Apple en de iMac en iPod introduceerde.
Het praten over dit model, hielp ons weer eens goed te begrijpen waar we staan, en waar we mee bezig zijn. Vervolgens gingen we diep in op de toekomstvisie voor Winkwaves, waar staan we over 5 jaar? Waar zijn we dan druk mee? Ik heb altijd moeite om harde doelen voor de toekomst te benoemen, omdat ik ook erg geloof in de evolutionaire groei waarin kansen pakken belangrijk is. Toch was er wel een soort van onderliggend gevoel in het gesprek, dat we met Winkwaves niet alleen maar ECHT werkende social software willen ontwerpen, met een focus op "design" en "social software" zeg maar, maar dat ik het toch ook wel belangrijk vindt om Winkwaves als merk te laten groeien. Dat Winkwaves echt voor een kwaliteitsmerk komt te staan. En opeens ben je met vraagstukken bezig die gaan over het opbouwen van je DNA als bedrijf versus het bouwen van een merk. En dat we daar druk mee bezig zijn, maar nog een lange weg te gaan hebben. Wel een leuke weg moet ik zeggen, het ondernemerschap begint alleen maar steeds beter te voelen. En daar helpen dit soort inspirerende sessies zeker bij. Dank Leon!
Posted by Rene Jansen
Fri, 10 Aug 2007 16:10:00 GMT
Afgelopen week werd Winkwaves benaderd door Heliview of wij willen helpen een congres over Enterprise 2.0 te organiseren. Gedachte is dat veel organisaties op dit moment stoeien met het duiden wat web2.0, social software en andere nieuwe internetontwikkelingen voor hen betekenen. Dat speelt natuurlijk deels intern, binnen een organisatie, waarbij bijvoorbeeld het binden en boeien van medewerkers speelt of slimmere vormen van kennis delen en samenwerken. Deels speelt dat extern, in de communicatie met klanten, partners en leveranciers.
Het principe van Heliview is simpel: er worden een aantal sponsoren gezocht die baat hebben bij zichtbaarheid bij de doelgroep, in dit geval bijvoorbeeld internetmarketeers, kennismanagers, en in ruil voor zichtbaarheid een deel van de congreskosten voor hun rekening kunnen nemen. Een soort van "product placement" maar dan op basis van inhoud. Zo kunnen geïnteresseerden uit de doelgroep zich gratis laten bijpraten over trends en ontwikkelingen.
De grote vraag is natuurlijk: gaat gratis wel samen met interessant? Ik ben zelf twee jaar geleden bij een Heliview congres geweest over "de nieuwe kenniswerker", en hoewel ik zelf redelijk thuis ben in dat gebied, raakte ik zeer geïnspireerd door de verhalen (Ik heb een deel van de input zelfs nog gebruikt voor het business plan van Winkwaves). Nu heeft Heliview Winkwaves gevraagd als kennispartner om te helpen om het programma lekker aantrekkelijk te maken. Ik ben dus een beetje bevooroordeeld als ik zeg dat het er op hoofdlijnen interessant uit ziet :) Maar, vragen als "Hoe helpt social software om de binding met medewerkers te vergroten (en nieuwe medewerkers aan te trekken?)", "Investeren in virtuele werelden? Zin of onzin?" en "Het inzetten van Blogs, Wikis, Social Tagging en Instant Messaging om een goed gesprek met uw klanten mogelijk te maken" spelen volgens mij bij veel organisaties en zijn dus zeker interessant om over van gedachten te wisselen. Wat dat betreft is het antwoord op de titel van deze post dus: Ja!
Zodra er meer bekend is over de sprekers horen jullie van me! Enne, helemaal leuk natuurlijk als je de aankondiging alvast kunt doorsturen naar bekenden voor wie dit congres interessant zou kunnen zijn natuurlijk :)
Posted by Mark Schoondorp
Wed, 08 Aug 2007 15:34:00 GMT
Common Craft heeft een uitleg van social bookmarking op You Tube geplaatst. Eenvoudiger dan dit kunnen wij het niet maken (korter misschien wel...)En natuurlijk zouden wij niet del.ico.us gebruiken als voorbeeld, maar 'Watvindenwijover.nl'!
Posted by Mark Schoondorp
Sun, 05 Aug 2007 08:13:00 GMT
Een van de steeds terugkerende discussies bij Winkwaves betreft het gebruik van trefwoorden (tags) voor het organiseren van informatie. Zijn trefwoorden beter dan taxonomieën? Ja, zo zegt de een vanuit een liberaal-marxistisch perspectief: vrij van de manipulatie van de gevestigde orde, kun je met trefwoorden zelf je betekenis geven aan wat je vindt. Niet per sé, zegt de ander, licht aangetast met een conservatief-elitair virus: Taxonomieën helpen je om op de schouders van je voorgangers te staan en aan te sluiten bij erkende betekenisgeving. Winkwaves wijdt een tweeluik aan de lange termijn effecten van tagging, gebaseerd op anderhalf jaar ervaringen met 'Watvindenwijover.nl' en inzichten van mede-taggers. Vandaag deel 1: De kosten van tagging.
De zegeningen van trefwoorden ten opzichte van folders en categorieën lijken duidelijk: een interessante webpagina valt zelden in slechts één hokje te plaatsen en met trefwoorden ben je vrij je eigen multi-ordening toe te passen. En aangezien 'gewone' gebruikers meestal enkel voor zichzelf ordenen, lijkt er geen vuiltje aan de lucht. Dankzij trefwoorden vind je veel eenvoudiger je informatie terug, bevrijd als je bent van het ouderwetse hokjes denken.
Bovendien, zo luidt de utopische web 2.0 belofte: door de trefwoorden van alle gebruikers voor een specifieke informatiebron te verzamelen, maak je de wisdom of the crowds inzichtelijk. De menigte geeft haar oordeel waarover de bron gaat en dit oordeel is (meestal) wijzer dan dat van de individuele expert. Per slot van rekening is betekenis een democratisch construct: iets krijgt geen betekenis van bovenaf, maar door het gebruik dat wij ervan maken. Halleluja voor de trefwoorden! Welke dinosaurus wil nog met hiërarchische indelingen en taxonomieën werken?
De keerzijde van trefwoorden
Er is echter over de maanden heen steeds duidelijker een keerzijde van tagging zichtbaar geworden. Kijkende naar de cijfers die we met 'watvindenwijover.nl hebben verzameld, valt me op dat het aantal pagina's en het aantal trefwoorden ongeveer 1 op 1 loopt. Voor iedere nieuwe pagina wordt zo ongeveer ook een nieuw trefwoord aan het systeem toegevoegd. Een gebruiker met 8 pagina's heeft dus gemiddeld ook 8 trefwoorden. Is dat erg? Niet per sé. Hooguit kun je hieruit afleiden dat we niet echt goed zijn in het terugbrengen van complexiteit naar een simpeler systeem. Ockham draait zich in zijn graf om, maar dat is slechts pijnlijk voor een aantal estheten onder ons.
Of zijn de kosten groter? Gevolg van mijn hoeveelheid trefwoorden is dat ik inmiddels ook niet meer gebaat ben bij het bladeren in mijn eigen meningen met behulp van trefwoorden. Kan ik er van op aan dat als ik bijvoorbeeld kijk bij social-networking, ik ook alles vind dat ik als zodanig nu zou willen vinden? Heb ik niet eerder of later een andere term gebruikt?
Lastiger, en waarschijnlijk gekoppeld aan het vorige argument, is dat ik zelf merk dat ik nauwelijks nog weet welk trefwoord ik moet gebruiken bij een artikel dat ik toevoeg. Trefwoorden als duiding voor betekenis staat op gespannen voet met trefwoorden als basis voor het terugvinden van mijn meningen. In het kader van terugvinden en opruimen, ben ik gebaat bij een beperkte set van trefwoorden. Maar dat vergroot de kosten van het toekennen van trefwoorden enorm. Het is nu een mix tussen recht doen aan het artikel en recht doen aan mijn eigen ordening. Welk trefwoord gebruikte ik vorige keer bij een soortgelijke pagina?
Wanneer ik tegenwoordig een mening toevoeg, zorg ik ervoor dat de titel, de url, mijn eigen mening en de trefwoorden zelf als geheel de grootste kans op terugvinden bieden. Dus tijdens het schrijven van mijn mening ben ik al bezig met de mogelijke vragen waarop ik deze mening als resultaat wil terugkrijgen.
Het episodische karakter van tagging
Het mag inmiddels helder zijn: het argument dat tagging 'goedkoper' is dan taxonomieën creëren, klopt volgens mij op de middellange en lange termijn niet. Structuren moeten zich inbedden in je geest om uiteindelijk eenvoudig toegankelijk te zijn. Tagging leent zich prima voor de korte termijn en bespaart je inderdaad de moeite van het verzinnen van structuren, maar zodra je een grotere verzameling bronnen wilt ontsluiten met trefwoorden, loop je tegen de kosten en de beperkingen op. In psychologische termen: tagging is episodisch, taxonomieën zijn semantisch.
In deel 2 van deze tweeluik zal ik mijn nieuwe strategie voor tagging toelichten, waarin ik (vanzelfsprekend) een poging doe de spanning tussen het episodische en het semantische recht te doen.